Devotionalia

De periode van 1830 tot 1960 kenmerkte zich, vooral in het zuiden van het land, door een sterke rooms-katholieke volkscultuur. Het was in die tijd heel gebruikelijk dat devotionele voorwerpen deel uitmaakten van het interieur van de huizen van rooms-katholieke gezinnen. Een aantal uitingen van deze devotie uit het 'Rijke Roomse Leven' is in enkele vitrines bijeengebracht. De Heilige Familie, de Mariaverering en het Lijden van Christus werden en worden gezien als kunstzinnige uitingen van het geloof, al dan niet van volkse aard. Uiteraard ontbraken wijwaterbakjes niet in de huizen van de katholieken.
Het waren niet alleen nonnen die met gebruikmaking van het materiaal-van-alledag, zoals ‘boetseerklei’ gemaakt van het deeg van witbrood, de voorstellingen vormgaven.

 

Ook de griendwerkers en vissers die de hele week in de Biesbosch verbleven zochten ’s avonds verpozing in het priegelwerk bij het licht van het kacheltje in de schuiten waarin zij overnachtten.
Een heel bijzondere categorie zijn de ex voto’s. Dit zijn voorwerpen die geplaatst werden bij een altaar of heiligenbeeld in een kerk of andere gewijde plaats voor een verkregen gunst. Aan de verkregen gunst gingen - meestal meerdere - smeekbeden vooraf, bijvoorbeeld om genezing van een ziek been of het graag willen hebben van een kind. De ex voto’s in de vitrine bij De Roos zijn gemaakt van diverse materialen.
 

reliekenschrijn met ivoren corpus en in de rand 24 relieken (19e eeuw)