Juliana Cornelia de Lannoy

Baronesse Juliana Cornelia de Lannoy werd in 1738 in Breda geboren als dochter van De Lannoy, baron van Arkel, die in 1764 benoemd zou worden tot gouverneur van de stad Geertruidenberg. Zij was in haar tijd een beroemde dichteres; Willem Bilderdijk, Simon van de Waal en Rhijnvis Feith waren zowel haar vrienden als haar bewonderaars.

Juliana Cornelia de Lannoy door Niels Rode

Juliana vond dat vrouwen minstens net zo goed konden schrijven als mannen - een voorloopster van de latere emancipatie? - en zij specialiseerde zich in het schrijven van treurspelen. 
In een van haar stukken, ‘De belegering van Haarlem’ uit 1770 nam ze de vaderlandse geschiedenis als uitgangspunt. Recensenten prezen haar ‘mannelijke toon’ en ‘mannelijk brein’, een waardering die ze waarschijnlijk niet in dank heeft afgenomen. Ze was de eerste vrouw die honorair lid werd van het Haagse dichtgenootschap ‘Kunstliefde spaart geen vlyt’ en won met haar gedichten vier dichtgenootschappeljke medailles. Vanaf 1776 tot aan haar dood in 1782 woonde ze in het pand ‘De Roos’ in Geertruidenberg, het huidige museum. 
 
                                        



Op de eerste verdieping is een hoekje ingericht met een stoel aan een tafel: het plekje in ‘De Roos’ waar zij haar inspiratie vond, onder andere voor het lofdicht ‘Eerzang voor ‘s Lands Verdedigers’ ter gelegenheid van de Slag bij de Doggersbank.`

Hieronder de volledige tekst van het in bruikleen ontvangen gedicht van Juliana de Lannoy, dat wij in december 2017 ontvingen van de Gemeente Geertruidenberg

De Volmaakte Man - Klankdicht

Gestadig in ’t werk tot nut van ’t huisgezin
En ijvrig om zijn ampt met glorie te bekleeden
Niet driftig, steeds bekoord op deugd en goede zeden
Bezorgd voor zijn belang, maar nooit door slechtgewin

Het spel niet toegedaan, de brasserij nog min
Bedacht om zelfs met nut zijn speeltijd te besteeden
Geen laf verwonderaar van vreemde aanvalligheden
Verliefd en tederlijk, maar op zijn Echtvriendin

Getrouw tot in den dood aan de ed’le vriendschapsbanden
Bereid om voor de Staat zijn leeven te verpanden
Grootmoedig, heusch, oprecht, wijs, vrind’lijk, zacht van geest

De Man met zo veel deugd met zo veel roem beschonken,
Die Man zo dubbel waard mijn dichterslust te ontvonken,
Is naar ik merken kan nog nooit op Aard geweest.

J.C. De Lannoy